De avondmis van Witte Donderdag

1 apr 2021

“Met de avondmis van Witte Donderdag opent de Kerk het paastriduum en wil zij het Laatste Avondmaal gedenken, toen de Heer Jezus in de nacht dat Hij werd overgeleverd, de zijnen in de wereld een bewijs gevend van zijn liefde tot het uiterste toe, zijn lichaam en bloed onder de gedaanten van brood en wijn aan God de Vader aanbood en als voedsel gaf aan de apostelen, en aan hen en hun opvolgers in het priesterschap de opdracht gaf ze evenzo aan te bieden. … De aandacht moet zich geheel richten op de mysteries die vooral in deze viering worden herdacht: de instelling van de eucharistie en van het priesterschap en het gebod van de Heer betreffende de naastenliefde; dit alles zal in de homilie belicht worden. (Cæremoniale episcoporum, nr. 297, Paschalis sollemnitatis, 44-45).

“Gezien de intrinsieke band van de instelling van de eucharistie met het priesterschap, kenmerkend voor de avond van Witte Donderdag, mag er op deze avond of namiddag geen woord- en communieviering gehouden worden.” (De Nederlandse bisschoppen, De viering van het paastriduum, 2012, II,4, p. 18)

Volgens oeroude traditie van de Kerk zijn alle eucharistievieringen zonder aanwezigheid van het volk op deze dag verboden. (Paschalis sollemnitatis, 47)

De lezingen

Tijdens de avondmis van Witte Donderdag, de viering van het Laatste Avondmaal des Heren, werpt de herdenking van het gastmaal dat voorafging aan de uittocht, een bijzonder licht zowel op het voorbeeld van Christus die de voeten van zijn leerlingen wast, als op de woorden van Paulus over de instelling van het christelijke Pasen in de eucharistie. Het paastriduüm begint met de avondmis, waarin de liturgie herinnert aan de instelling van de eucharistie door de Heer. Jezus is het lijden binnengegaan met de viering van de maaltijd, zoals voorgeschreven in de eerste lezing: ieder woord en beeld verwijst naar datgene waarop Jezus zelf aan tafel anticipeerde, namelijk zijn dood die leven brengt. De woorden die aan het boek Exodus zijn ontleend (Ex 12, 1-8, 11-14) vinden hun uiteindelijke betekenis in het paasmaal van Jezus, hetzelfde paasmaal dat de Kerk op de avond van Witte Donderdag viert. (vgl. Homiletisch Directorium, 39).

Daar waar de synoptische evangeliën verslag doen van de instelling van de Eucharistie, biedt het Johannesevangelie het verhaal van de “voetwassing”, waarin Jezus zich tot Heer van de gemeenschap en de dienst maakt (vgl. Joh 13,1-20), om zo de diepe betekenis van de instelling te verduidelijken. De heilige apostel Paulus noemt van zijn kant de deelname van de christelijke gemeente aan de maaltijd van de Heer ‘onwaardig’, wanneer er verdeeldheid bestaat en de gemeente onverschillig staat tegenover de armen (vgl. 1Kor 11,17-22.27-34). (H. Paus Johannes Paulus II, Enc. ‘Ecclesia de Eucharistia’, 20)

De voetwassing en het gebod tot naasteliefde

De voetwassing die, volgens de traditie, op deze dag aan hiervoor uitgekozenen wordt verricht, verwijst naar de dienstbaarheid en liefde van Christus, die gekomen is, “niet om gediend te worden maar om te dienen” (Mt. 20,28). Men doet er goed aan deze traditie te handhaven en haar eigen betekenis uit te leggen. (Paschalis sollemnitatis, 51). Op een geschikte plaats zijn banken of stoelen klaargezet, waarheen de assistenten degenen begeleiden aan wie de voetwassing zal worden verricht. Vervolgens gaat de priester (nadat hij het kazuifel, zo nodig, heeft afgelegd) naar hen toe, wast hun de voeten en droogt deze af, terwijl de assistenten hem helpen. (Altaarmissaal) Paus Franciscus besliste op 20 dec. 2014 dat voortaan ook door vrouwen aan de voetwassing deelgenomen kan woreden; per decreet van 6 jan. 2016 maakte de congregatie voor de Eredienst de aanpasing daaromtrent in de rubrieken van het Missale Romanum op Witte Donderdag bekend.

De gaven voor de noodlijdenden, vooral de gaven die in de veertigdagentijd zijn ingezameld als vrucht van boetvaardigheid, kunnen naar voren worden gebracht in de offergang, terwijl door het volk wordt gezongen: ‘Waar vriendschap heerst en liefde’. (Paschalis sollemnitatis, 52)

Andere liturgische bijzonderheden

Tijdens de avondmis

Het tabernakel moet vóór de viering volstrekt leeg zijn. De hosties voor de communie van de gelovigen moeten in deze viering van het eucharistisch offer worden geconsacreerd. Men zal voldoende brood consacreren, ook met het oog op het uitreiken van de communie op de volgende dag. (Paschalis sollemnitatis, 48)

Tijdens het zingen van het ‘Eer aan God in den hoge’ worden, overeenkomstig plaatselijk gebruik, de klokken geluid; na deze lofzang zwijgen zij tot aan het ‘Eer aan God in den hoge’ van de paaswake, tenzij de Bisschoppenconferentie of de plaatselijke ordinarius naar gelang van de omstandigheden anders heeft beschikt. Binnen dezelfde tijdsruimte kunnen orgel en andere muziekinstrumenten alleen bespeeld worden om de zang te ondersteunen. (Paschalis sollemnitatis, 50)

Het verdient de voorkeur dat de eucharistische gaven door diakens of acolieten of buitengewone bedienaars op het ogenblik van de communie van de altaartafel worden ontvangen; zij brengen deze daarna naar de zieken die thuis communiceren. Aldus kunnen ook de zieken zich inniger met de vierende Kerk verenigen. (Paschalis sollemnitatis, 53)

Sacramentsprocessie na de communie

Wanneer het gebed na de communie is gezegd, wordt de processie opgesteld om het heilig Sacrament, begeleid met brandende kaarsen en wierook, door het kerkgebouw te brengen naar de plaats waar het bewaard zal worden. Het heilig Sacrament wordt geplaatst in een tabernakel of in een schrijn dat daarna gesloten wordt. Nooit mag het heilig Sacrament in een monstrans uitgesteld worden. (Paschalis sollemnitatis, 54-55) Voor het bewaren van het heilig Sacrament moet een kapel ingericht zijn die sober is versierd en uitnodigt tot gebed en overweging (vgl. Paschalis sollemnitatis, 49)

Na de viering

Na de viering wordt het altaar waaraan de eucharistie gevierd is, ontbloot. Het verdient aanbeveling de kruisen in de kerk te bedekken met een rode of paarse doek, tenzij dit reeds op zaterdag vóór de vijfde zondag van de veertigdagentijd gebeurd is. Er mogen geen lichten voor de heiligenbeelden branden. (Paschalis sollemnitatis, 57)

De gelovigen moeten uitgenodigd worden om na de avondmis van Witte Donderdag geruime tijd in de kerk door te brengen in aanbidding voor het heilig Sacrament dat daar op deze dag plechtig wordt bewaard. Eventueel kan tijdens een langdurige aanbidding een deel van het evangelie van Johannes (hoofdstuk 13-17) gelezen worden. Na middernacht gebeurt de aanbidding zonder uiterlijke plechtigheid, aangezien de Goede Vrijdag dan al begonnen is. (Paschalis sollemnitatis, 56) 

Getijdengebed

Voor wie op Witte Donderdag aan de avondmis deelneemt, vervalt het avondgebed van de betreffende dag. (Institutio Generalis Liturgiae Horarum, 209)