Derde zondag van Pasen (Jaar C)

5 mei 2019

De eerste lezing op de derde zondag van Pasen is zoals steeds in de Paastijd, ontleend aan de Handelingen van de Apostelen, waarin gebeurtenissen van het leven, het getuigenis en de voortgang van de vroege Kerk worden verhaald. Op deze zondag in jaar C betreft het het getuigenis van Petrus en de andere apostelen over het lijden, sterven en verrijzen van Jezus ten overstaan van de hogepriester en de Hoge Raad (Hand. 5,27b-32.40b-41).

De lezing uit de Apostel heeft op deze zondag betrekking op de beleving van het Paasmysterie in de Kerk; de lezing is ontleend aan het Boek van de Openbaring (Apoc. 5,11-14), dat het visioen weergeeft van Johannes die de hemelse huldiging van God en van het Lam door engelen, de oudstenĀ en heel het heelal schetst.

Tot en met de derde zondag van Pasen spreken de lezingen uit het evangelie over de verschijningen van de verrezen Heer. In jaar CĀ spreekt de lezing over de verschijning van de verrezen Heer Jezus bij het meer van Tiberias (Joh. 21, 1-19 , resp. 21, 1-14).