Opdracht van de Heer (2 febr.)

2 feb 2020

“De Heer Jezus werd veertig dagen na zijn geboorte door Maria en Jozef naar de tempel gebracht, - van buitenaf beschouwd om te voldoen aan de wet van Mozes, maar in feite kwam Hij als het licht ter openbaring aan de volken en als de glorie van zijn volk Israël, naar zijn gelovig en jubelend volk.”   (Romeins Martyrologium, 2 febr.)

Oorsprong

Het feest van de Opdracht van de Heer in de tempel wordt van oudsher gevierd op 2 februari en sloot op de veertigste dag na Kerstmis de kerstcyclus af. Het is afkomstig uit het oosten, door de Grieken ‘Hypapante’ (‘Ontmoeting’) genoemd, en droeg in het westen tot 1969 de naam “Reiniging van de heilige Maagd Maria”.

Processie met kaarsen

De liturgie kent op deze dag een processie ter herinnering aan het intrede van Jezus in de tempel en zijn ontmoeting met vooral God de Vader - in wiens woning Hij voor het eerst binnengaat - en vervolgens met Simeon en Anna. De processie verving in het westen heidense optochten met een zedeloos stempel en had een boetekarakter. In een volgende fase werd voorafgaand aan de processie een zegening ingevoerd van de kaarsen die in de processie ontstoken werden ter ere van Christus, “een licht dat voor de heidenen straalt” (Luc. 2, 32)

Christologisch en mariaal feest

De Kerk gedenkt op deze dag dat de Maagd Maria haar Zoon in de tempel opdraagt en zich overeenkomstig het voorschrift van de wet van Mozes (vgl. Lev. 12, 1-8) onderwerpt aan de reinigingsrite; in de volksvroomheid werd de gebeurtenis van de reiniging gezien als een blijk van nederigheid van de Maagd en daarom werd 2 februari vaak beschouwd als het feest van hen die in de Kerk nederig dienstwerk verrichten. 

Dit feest moet beschouwd worden als een gedachtenis van Jezus en Maria, van Zoon en Moeder samen. De kaars die thuis bewaard wordt, moet voor de gelovigen een teken zijn van Christus, “het licht der wereld”, en derhalve een aanleiding voor een uiting van geloof. (Directorium over volksvroomheid en liturgie, nr. 120 en 123).

Kaarsenzegening en -processie verbonden met de H. Mis

De zegening van kaarsen op het feest van de Opdracht van de Heer (Maria Lichtmis) wordt strikt verbonden met de viering van de Eucharistie met processie of plechtige intocht, en dient niet te geschieden in een liturgische viering zonder mis (vgl. Congregatie voor de Eredienst, “Documentorum explanatio”, in: Notitiae, 10 [1974], p. 80).

Dag van godgewijd leven

Op het feest van de opdracht van de Heer wordt sinds 1997 ook de dag van het godgewijde leven gehouden.